Wat maakt het verschil tussen winnen en verliezen?

Topsport Community in de media

Op 2 augustus 2016 publiceerde Metro een interview met Thomas Waanders co-auteur  van het boek Grenzen Verleggen over het verschil tussen winnen en verliezen. Lees hier het interview.

Wat is het verschil tussen zilver en goud? 

Thomas Waanders (29, bewegingswetenschapper en sportpsycholoog) was altijd al gefascineerd door deze vraag. Samen met Rick Lahaye – en gesteund door de Topsport Community – deed Thomas Waanders drieënhalf jaar lang onderzoek om deze vraag te kunnen beantwoorden. Thomas en Rick interviewden Nederlands grootste ‘grensverleggers’ in de topsport, waaronder Marianne Vos, IreenWüst en Pieter van den Hoogenband en schreven het boek Grenzen Verleggen. Ik sprak Thomas over zijn fascinatie voor goud en wat amateursporters zoals ik van topsporters kunnen leren. 

Wat versta je onder het verleggen van grenzen? 

Het verleggen van grenzen kun je op veel verschillende manieren bekijken. Je kunt persoonlijke grenzen verleggen, zoals het verbeteren van een persoonlijk record, of iets doen dat je nog nooit gedaan hebt. En je hebt universele grenzen, dingen doen die nog niemand anders gedaan heeft. Wij focussen ons in het boek op topsporters die wisten door te gaan waar iemand normaal gesproken door vermoeidheid, pijn of ongemak gestopt zou zijn. Veelal universele grenzen dus. 

Waarom ben je hierin zo geïnteresseerd? 

Ik heb altijd een fascinatie gehad voor het verschil tussen zilver en goud. Tijdens mijn studie bewegingswetenschappen ging het vooral over fysiologie, over spieren, gewrichten, het meten van lactaat, hartslagzones. Maar ik besefte dat maximaaltesten (een test waar bijvoorbeeld de maximale hartslag gemeten wordt) ook niet alles zeiden. Dan bleek er uit een test dat ik maximaal tot een bepaalde hartslag kon gaan, haalde ik een paar weken later op vakantie op de fiets in de bergen een hartslag tien slagen hoger dan mijn ‘maximale’ hartslag. Het verschil op de streep wordt niet gemaakt door dat soort dingen. 

Wat maakt dan wel het verschil tussen winnen verliezen? 

Volgens mij gaat het om jezelf pijn kunnen doen, om om te kunnen gaan met dat pijngevoel en om kunnen gaan met het denken aan stoppen of opgeven. Als topsporter moet je ambitieus zijn. Als je groot denkt, dan heeft dat invloed op de keuzes die je maakt. Dan handel je daar eerder naar. Topsporters scoren op een aantal karaktereigenschappen zo abnormaal hoog. Ze kunnen ontzettend obsessief bezig zijn met hun doel, zijn enorm perfectionistisch. Er wordt gezegd dat tweede worden een keuze is, dat zal vast niet in ieder geval waar zijn, maar ik denk dat het verschil wel vaak in het brein gemaakt wordt. Je moet mentaal ontzettend sterk zijn. 

Is er een onderscheidende factor van een winnaar? 

In het boek concluderen we dat er geen X-factor is. Iedere sporter is uniek en meerdere wegen leiden naar Rome. Wanneer sporters, coaches of onderzoekers beweren dat er één, twaalf of zestig factoren bepalen wat de onderscheidende factoren zijn, dan hebben ze geen ongelijk, maar zijn ze wel onvolledig. Er zijn wel duizend puzzelstukjes die allemaal op het juiste moment op hun plek moeten vallen. 

Je hebt met veel topsporters gesproken, wat is je het meeste bijgebleven? 

Marianne Vos vertelde ons dat ze op sommige dagen wakker werd en op dat moment al wist dat ze ging winnen. Dat zei ze tegen niemand anders, want dan was ze bang dat ze dat gevoel kwijt zou raken, maar ze had dat gevoel zo sterk. Ik vind het heel bijzonder dat je van tevoren zo overtuigd van de winst kunt zijn, zeker in het wielrennen. 

Wat maakt het boek bijzonder? 

De afgelopen jaren hebben we een paradigmashift gemaakt. Voorheen dachten onderzoekers dat het stoppen bij naderende uitputting alles te maken heeft met lactaat, dat naarmate je spieren meer verzuurt raken dat je niet verder kan. De meeste onderzoeken zijn hier dan ook op gebaseerd. Onderzoeken zijn meestal fysiologisch en richten zich veel minder op de rol van het het brein, terwijl de laatste inzichten laten zien dat het daar uiteindelijk allemaal om draait. Sommige mensen kunnen veel langer verzuurd doorgaan. 

Het is heel leuk om te weten waar je lactaatdrempel ligt, maar hoe lang kun je doorgaan als je over die drempel heen gaat?

Het feit dat we met de absolute top gesproken hebben maakt het boek extra bijzonder. Marianne Vos die een paar jaar lang alles won bij het wielrennen, Ireen Wüst, de beste Nederlandse Olympiër aller tijden, Jochem Uytdehaage die zowel goud op de 5000 en 10.000 meter won in Salt Lake City en daar even later ook nog een zilveren medaille op de 1500 aan kon toevoegen. Pieter van de Hoogenband, die ons niet alleen steunde bij het onderzoek, maar zelf ook de nodige gouden medailles op de Olympische Spelen heeft binnengesleept.

Voor wie is het boek geschreven? 

Het boek is toegankelijk voor iedereen. Het is voor topsporters en hun coaches, maar ook voor amateursporters die graag meer uit hun trainingen en wedstrijden willen halen. Wielrennen, marathonlopen, triatlons, het wordt steeds populairder, voor hen is dit boek zeker interessant. Je bent zelf amateursporter, aan welk advies heb je het meeste gehad? Dat je een bepaald geloof moet hebben dat je iets kunt. Misschien is dat geloof in eerste instantie niet reëel, maar je kunt een heel eind komen als je toch gewoon jezelf een beetje voor de gek houdt. 

Zijn er naar aanleiding van het onderzoek nog dingen naar boven gekomen die jullie in de toekomst zouden willen onderzoeken?

We hebben nu gesproken met de sporters, maar we merkten tijdens het onderzoek dat de coaches en ouders van sporters ook een grote invloed hebben op de prestaties van de sporter. Een boek aan de hand van interviews met coaches en een boek met ouders zou ik nog wel willen maken, als ik er tijd voor zou hebben.

Bron: Metro, 2 augustus 2016


Share?

Volg ons via of meld je aan voor onze nieuwsbrief